NOS: ‘Carnaval als topsport’

Mijn familie komt uit het Zuiden en ik heb carnaval in mijn bloed. Jarenlang stond ik met een geschminkt hoofd op het Sint Amorspleintje in Maastricht mijn versie van de samba te trommelen.

Dat was kinderspel. Samen met duizenden anderen sta ik nu in het Sambódromo, het carnavalsstadion van São Paulo, te wachten op onze beurt. Het is even voor vijf uur ’s nachts en het begint te regenen. Ik doe mee aan de eerste grote optocht van carnaval 2013, in de grootste stad van Brazilië.

Mannen in scheidsrechterpakken lopen fanatiek aanwijzingen te geven. “In het gelid, mensen, denk er aan!” Alsof het een militaire parade betreft proberen de mensen om mij heen een rechte lijn te vormen. Een gespannen stilte wordt af en toe onderbroken door opbeurend geschreeuw: “Kom op draken!”

Sambaschool

Dan is de sambaschool voor ons klaar, de enorme praalwagens op het parkeerterrein bij de ingang van het stadion worden in positie gebracht. Wij mogen beginnen. Onze school, de Dragões da Real (‘Koninklijke Draken’), gelieerd aan voetbalclub São Paulo, heeft een stuk of vijf praalwagens. Stuk voor stuk indrukwekkende kunstwerken, elk met een drakenthema. Verschillende afdelingen in telkens andere kostuums lopen rond de wagens. Er lopen Harry Potters rond, legendarische helden en draken uit sprookjes, zoals ik.

De voorzitter spreekt ons toe. “We hebben er hard voor gewerkt mensen, dit is het uur van de waarheid. Met Gods hulp gaan we winnen, kom op draken!” Een oerkreet dondert door onze gelederen, onze sambaband begint te spelen. We gaan!

Dansen tegen de klok

Binnen 65 minuten moeten we door het stadion zijn gedefileerd. Meer dan drieduizend mensen, over een recht stuk asfalt van ruim 500 meter lang en bijna vijftien meter breed. Elke minuut langer kost strafpunten.

De jury kijkt naar creativiteit van de wagens, naar de verhaallijn in onze parade en de mate van enthousiasme bij de ‘gewone deelnemers’ zoals ik. Ze beoordelen de kwaliteit van de schaars geklede sambakoninginnen die onophoudelijk in een indrukwekkend tempo hun welgevormde billen schudden.

Dit is topsport, besef ik te laat. Alsof je je ineens op het veld begeeft, tijdens een WK-finale, als speler. Help!

Orde

We blijken een dansje te hebben en een clublied. De hele optocht lang moet ik meezingen en niet opvallen door precies de verkeerde lichaamsbewegingen. Een gestreste begeleider scheld me verrot als ik te veel van de rand afwijk. “Kom op man”, schreeuwt ‘ie. Ik ben bloednerveus.

Carnaval is eigenlijk bijzonder on-Braziliaans, besef ik in het sambastadion. Zo’n optocht verloopt gesmeerd, met bijna militaire precisie, er is niets spontaans aan. Geen vrolijke chaos, zoals op het Sint Amorsplein in Maastricht, maar orde en discipline.

Gelukkig is de choreografie niet al te moeilijk en speelt de sambaband ons lied aan een stuk door, als een mantra. Precies op tijd ken ik de tekst en kom ik in het ritme, vlak voor we langs de jury lopen, ruim voor we langs de studio’s paraderen waar de live uitzending vandaan komt.

Zwaar

Deelnemers aan de optocht mogen absoluut geen foto’s maken, mobieltjes en camera’s zijn ten strengste verboden. Ik heb een cameraatje bij me, ergens onder een laag drakenpak. Maar afgezien van de fysieke onmogelijkheid om mijn broekzak te bereiken, durf ik geen foto’s te maken. De draken om me heen zouden me ritueel verbranden, vrees ik. Als ik als journalist had willen gaan, had ik maar op de perstribune moeten gaan kijken.

Er is geen tijd voor alcohol, noch ruimte voor blikjes of flesjes in het kostuum. De drakentanden van gerecyclede frisdrankflessen snijden in mijn voorhoofd. Ook al ben ik drijfnat, het is bloedheet en ik heb dorst. Dit is zwaar, heel zwaar.

Uitslag

Vlak voor het uur verstreken is, arriveren we aan de finishlijn. We hebben het gehaald.

Pas aan het einde van carnaval, over een paar dagen, wordt de uitslag bekendgemaakt. We zien het wel. Morgen ga ik op zoek naar een pleintje, ergens in het centrum van deze stad, waar je gewoon tussen de mensenmassa lekker spontaan op je trommeltje kan slaan, zolang je maar wilt. Zoiets als het Sint Amorsplein in Maastricht.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s